Start › Projecten › Repareren › Een gescheurde zak repareren
Een gescheurde zak repareren
Een zak scheurt bijna altijd op dezelfde plek: waar hij aan de zijnaad van het kledingstuk vastzit, vlak onder de opening. Ik heb er deze maand twee gehad, van een werkbroek en van een oude kaartjas die al jaren in de kast hing. Je komt er slecht bij, en dat is precies waarom mensen er zo lang een gat in laten zitten.
Waar het scheurt en waarom
De hoeken van een zak krijgen alle kracht te verduren: bij het instappen trek je met je hand aan de zakrand, en elke keer dat je iets uit de zak haalt, trekt de stof aan de aanzetting. Daar zit de naad die het eerst begeeft, meestal vlak onder de opening van de zak.
Aan de buitenkant zie je een scheur van een centimeter. Van binnen is het gat vaak twee keer zo groot, met losse draden eromheen die je van buiten niet ziet.
Bekijk daarom altijd eerst de binnenkant voor je iets vastspeldt. Werken van buitenaf laat de losse rand binnenin zitten, en dan scheurt het binnen een maand opnieuw open, net naast de plek die je net hebt gemaakt.
De zak naar buiten halen
Bij een broekzak met een eigen zaklap kun je de zak door de opening naar buiten trekken, als een klein binnenstebuiten gekeerd zakje. Soms moet je daarvoor eerst een stukje van de onderkant van de zak lostornen; dat is meestal maar 3 of 4 cm en dat naai je later zo weer dicht.
Lukt dat niet, keer dan het hele kledingstuk binnenstebuiten. Bij een jas met voering kan dat betekenen dat je de voering onderaan een stukje losmaakt om erbij te komen. Dat is meer werk, maar het is de enige manier om netjes te blijven.
Leg de zak daarna plat op tafel met de gescheurde hoek naar boven, zodat je er met twee handen bij kunt.
Van binnenuit vastzetten
Speld de losse stof van de zak terug op de plek waar hij hoorde, precies langs de oude naadlijn. Je speldt dus van binnen, met de zak binnenstebuiten, en de puntjes van de spelden wijzen naar de kant waar je straks naait.
Stik vast met een kleine steek en ga over de hoek twee keer heen en terug. Ik zet bij een broekzak een steeklengte van 2,5 mm. Bij dikke spijkerstof gebruik ik een stevige naald en een langere steek, anders breekt de naald precies in die hoek.
Ontlast de hoek daarna met een tweede, korte naad dwars op de eerste, een centimeter hoger. Die tweede naad vangt de kracht op en houdt de eerste heel.
Als de zak zelf gescheurd is
Soms is niet de aanzetting kapot maar de zaklap zelf. Dan zet je van achteren een stukje gelijke stof onder de scheur, iets groter dan het gat, en stikt dat rondom vast. Bij een zak die je niet ziet hoef je niet onzichtbaar te werken; bij een borstzak wel.
Gebruik stof die even dik is als de zak zelf. Te dikke stof geeft een bult die je door de broek heen ziet, en te dunne stof is na twee weken weer kapot.
Knip het onderstuk bij voordat je de zak terugdraait, want binnenin voel je een randje eerder dan dat je het ziet.
Voor dat stukje stof gebruik ik graag een restje dat ik op een zaterdagochtend op de Brink heb meegenomen, uit de bak met losse stukken bij de stoffenkraam. Neem iets stevigs: voor een werkbroek is een stukje stevige katoen beter dan de zachte stof van een oud overhemd, want dat rekt uit zodra je iets zwaars in de zak doet.
Netjes weer dichtmaken
Werk de nieuwe naad af met een zigzag, of laat de naadranden binnen de zak vallen, waar ze niet tegen je lichaam aan rafelen. Strijk de hoek plat met de punt van het strijkijzer.
Draai de zak terug, duw de hoeken met je vinger goed uit en strijk nog één keer. Bij spijkerstof strijk ik niet hard, want daar komt glans op die er nooit meer afgaat.
Voel daarna met je hand in de zak of er nog een randje tegen je vingers blijft haken. Dat randje is precies waar de volgende scheur begint.
In mijn achterkamertje is het in januari 15 graden, dus ik werk in korte stukken en leg het kledingstuk tussen twee dingen in als ik even wegloop. Koude vingers en een kleine naald gaan slecht samen.
Stap voor stap
- Klap de schaar dicht, leg hem weg en steek de losse spelden in het speldenkussen voor je begint.
- Bekijk de binnenkant van de zak en zoek op waar de naad hoorde te lopen.
- Haal de zak naar buiten, of keer het kledingstuk binnenstebuiten om erbij te kunnen.
- Speld de losse hoek van de zak terug op de oude naadlijn, van binnen naar buiten.
- Stik de hoek vast met een kleine steek en ga twee keer heen en terug over de punt.
- Naai een korte tweede naad dwars op de eerste, een centimeter hoger, om de hoek te ontlasten.
- Werk de naadranden af en strijk de hoek plat met de punt van het strijkijzer.
- Draai de zak terug en voel of er nog een randje haakt; pas als dat weg is, is het klaar.
Waar ik stop: Ik stop bij een zak die in de voering van een nette jas zit en waar ik alleen bij kan door de voering open te maken; dat laat ik over aan iemand die dat vaker doet. Ook een borstzak van een pak met een klep langs de rand blijft bij mij dicht. Ik ben geen coupeuse of kleermaker: ik werk in de bibliotheek en naai thuis, aan mijn eigen kast en die van mijn gezin. Wat te veel gepriegel wordt, breng ik weg.